Uitdrukkingen

Gezegden en uitdrukkingen komen meestal uit een ver verleden. Toen der tijd drukten ze vaak letterlijk hun betekenis uit. In ons tegenwoordige taalgebruik maken we automatisch gebruik van deze uitdrukkingen. Wat is nu de precieze betekenis van de diverse uitdrukkingen en waar komen ze vandaan? Kortom: een leuk onderwerp voor een informeel gesprek!

De draak met iets steken
Buiten westen zijn
Zijn schaapjes op het droge hebben
Zo nijdig als een spin
Boontje komt om zijn loontje
Brave Hendrik
Met de noorderzon vertrekken
Na ons de zondvloed
Voor Pampus liggen
Kastanjes uit het vuur halen

De draak met iets steken
Afkomst: Deze uitdrukking herinnert aan een oude legende: die van Sint-Joris en de draak. Sint-Georgius was een christelijke officier uit Cappadocië over wie weinig met zekerheid bekend is. Volgens de overlevering (uit de 11e eeuw) zou hij in Cappadocië een draak gedood hebben, aan wie men kinderen placht te offeren. Na Joris overwinning zou het volk zich onmiddellijk tot het Christendom bekeerd hebben. In de late Middeleeuwen begon men in processies het drakengevecht na te spelen, maar daarbij sloop er geleidelijk een komisch element in: Joris was een halfgrappige figuur geworden die met zijn lans in een linnen, met stro opgevulde draak stak.
Betekenis: ergens mee spotten.

Buiten westen zijn
Nee, deze uitdrukking komt niet uit de bokssport. Het was oorspronkelijk een vakterm van zeelieden. Op de Noordzee ten westen van Nederland en Vlaanderen waaien overwegend westenwinden. Vooral in de tijd van de zeilschepen leverde dat de schippers veel ongemak en gevaar op: ze dreigden op de kust te lopen. Men probeerde meestal zo veel mogelijk ‘om de west’ te sturen om bij de kust vandaan te blijven. Gebeurde dat echter te fanatiek, dan kon het schip ‘buiten westen’ raken, dus ver van de gebruikelijke westelijke route. Later, in de zeventiende eeuw, kreeg de uitdrukking een figuurlijke betekenis: ‘buiten zinnen zijn, in de war, buiten bewustzijn’.

Zijn schaapjes op het droge hebben
Zo rijk dat je niet meer hoeft te werken. Maar welke situatie moeten wij ons hierbij voorstellen? Waarschijnlijk deze: schaapherders die hun vee op buitendijks, aangeslibd land weidden, moesten goed op de wisseling van de getijden letten. Degene wiens vee nog op de laaggelegen gronden liep te grazen terwijl de vloed al opkwam, dreigde zijn schapen te verliezen en daarmee zijn bestaanszekerheid. De deskundigen hebben wel eens bedacht dat schapen een verschrijving moet zijn geweest voor schepen, want dat zou mooi aansluiten op de Latijnse uitdrukking in portu navigare (= in de haven varen). Toch is er een goede reden om aan te nemen dat het hier echt over schapen gaat. Een oude bron uit 1510 zegt: ‘Al heeft menich (= menigeen) sijn scapen op trooghe (= het droge) ende mine staen toten knien (= de mijne staan tot de knieen in het water).’

Zo nijdig als een spin
Waarom juist een spin? Als verklaring heeft men wel geopperd dat er wijfjesspinnen zijn die het mannetje na de paring aanvallen, doden en leegzuigen. Niet alleen onze geleedpotige natuurgenoten staan symbool voor boosheid en venijn, ook sommige insecten. In het Vlaams zegt men dat iemand zo kwaad is als een horzel. En volgens de Engelsen is iemand as angry as a wasp.


Boontje komt om zijn loontje

We staan zelden stil bij de vraag welk loontje Boontje kreeg. Welnu: Boontje barstte. Het spreekwoord verwijst naar een sprookje dat al in de zeventiende eeuw geboekstaafd is. Boontje, erwtje, strootje en kooltje vuur gingen uit wandelen. Toen ze voor een breed water kwamen, hadden ze een probleem, maar er was ook een oplossing. Strootje ging over het water liggen, zodat boontje en erwtje over het strootje naar de overkant konden. Kooltje vuur volgde, maar raakte halverwege in de problemen doordat het strootje vlam vatte, zodat kooltje vuur in het water viel. Boontje moest daar ontzettend om lachen en kreeg zijn verdiende loon, zie boven.

Brave Hendrik
Brave Hendrik was geen historisch persoon. Misschien was hij zelfs een onbestaanbare persoon, en het is de vraag of we dat moeten betreuren. Hendrik is de hoofdpersoon van De brave Hendrik, een leesboekje voor jonge kinderen (1823) van Nicolaas Anslijn. De auteur was ‘stadsschoolhouder’ in Haarlem. Het boekje verraad de invloed van

Met de noorderzon vertrekken
Afkomst: Het woord noorderzon komt nu alleen nog voor in de bovenstaande uitdrukking. In de 17e eeuw echter waren noorderzon en zuiderzon alledaagse termen voor respectievelijk middernacht en 12 uur ’s middags. Onze voorouders wisten dat de zon ’s nachts in het noorden staat, al is hij in onze streken ’s nachts onzichtbaar: een altijd verduisterde middernachtzon.
Betekenis: stiekem vertrekken.

Na ons de zondvloed
Afkomst: Dit spreekwoord is een vertaling van “après nous le déluge”. Deze woorden zouden door mevrouw De Pompadour (1721 – 1764) gesproken zijn, vlak nadat het gecombineerde Frans-Oostenrijkse leger verslagen was door dat van Pruisen. Vóór De Pompadour was het spreekwoord in Frankrijk al bekend. Het moet als een grapje worden opgevat, zeker als we bedenken dat de zondvloed volgens de Christelijke overlevering duizenden jaren geleden heeft plaatsgehad en zich volgens de Bijbel niét zal herhalen.
Betekenis: wie dan leeft, die dan zorgt.

Voor Pampus liggen
Afkomst: Zo’n twee eeuwen geleden heeft er voor het laatst een schip voor Pampus gelegen. De uitdrukking herinnert aan een oud ongemak: de zandbank Pampus in de vroegere Zuiderzee. Al in de 17e eeuw vormde Pampus een hindernis voor zwaarbeladen zeeschepen. Tegen het eind van de eeuw werd er een provisorische oplossing voor gevonden: het zeekameel. Dit was een apparaat waarmee schepen over de ondiepte gelicht werden. Dat bracht wel enig soelaas, maar kon niet voorkomen dat schepen vaak een tijd moesten wachten (“voor Pampus lagen”), voor ze konden passeren. Het probleem werd pas opgelost toen in 1824 het Noord-Hollands Kanaal werd geopend.
Betekenis nu: uitgeteld zijn door drank, hitte of overmatig eten.

Kastanjes uit het vuur halen
Afkomst: Degene die in het verre verleden als eerste kastanjes uit het vuur moest halen, was niet een mens maar een hond. Een oude fabel – bij ons al in de 16e eeuw bekend – gaat als volgt. Een aap kreeg trek in gepofte kastanjes en wilde ze uit het vuur halen, maar hij was bang om zich te branden. Naast het vuur lag een hond te slapen. De aap nu gebruikte de poot van de slapende hond om de kastanjes te pakken. In de 17e eeuw nam De la Fontaine de fabel in zijn verzameling op. Bij hem is er echter geen sprake van een hond maar van een kat.
Betekenis: voor een ander een gevaarlijk werkje opknappen

Bronnen
“Gezegden”, Genootschap.Onze Taal. Reimer Reinsma, ISBN: 90 755 66 93 x, D/1998/0034/645, Sdu Uitgevers, Den Haag;
“Wolters’ Ster Woordenboek, Nederlands NL, W. Th. De Boer, ISBN: 90-6648-657-0, D/1996/0108/800, Wolters’ woordenboeken, Utrecht.




Regelmatig vullen wij informatie aan of worden er nieuwe onderwerpen toegevoegd. Wil je op de hoogte gehouden worden? Vraag dan onze maandelijkse nieuwsbrief aan.

Idee!!!

Weet jij een leuke of uitdrukking?
Stuur hem naar
contact@u4u.nl
en win
een kraslot of CD!!

Bezoekers die meebouwen aan U4U worden beloond!

Home | | Stuur deze site | Maak U4U jouw startpagina
E-mail | Credits | Adverteren/samenwerking

Copyright ©2000 U4U. Alle rechten voorbehouden.